18 september
Klik-klik-klik-klik-klik-klik: Yvonne en Phaedra op excursie. Vroeg op, omdat we om 7.45 uur in een ander hotel moesten zijn om opgepikt te worden met een bus. Best irritant, niemand vertelde ons wat, toen we enorm lang op de andere mensen moesten wachten en de excursie pas na 9 uur begon. Maar goed, tel tot tien, gelukkig was er koffie. Alles kwam dus goed.
Voordat we vertrokken bij de busterminal kreeg iedereen een folder in de handen gedrukt met daarin het aanbod van alle overige excursies. Nooit gedacht dat onze droom-excursie er ook in zou staan: naar het Sumotoernooi! Dit moest onze dag der dagen worden, dus Yvonne stopte de bus en haastte zich met het schuim in haar mondhoeken en de wind in haar lokken naar een van de gidsen om te vragen of er nog twee plaatsen beschikbaar waren voor die middag. Ze zouden het voor ons gaan checken, maar we moesten nu echt de bus in. Met bonzend hart togen we naar de Tokyo Tower.
Deze uitkijktoren die er uit ziet als een rood-wit geschilderde Eiffeltoren bracht ons een uitzicht over Tokyo-bij-daglicht. Ook mooi, al die verschillende niveaus in de stad –kanaal over straat over autoweg over trambaan over trein- blijven gek om te zien. En van bovenaf is ook goed te zien dat tussen de supermoderne kantoorgebouwen overal kleine huisjes en begraafplaatsen zijn. En tempels natuurlijk.
Eenmaal weer met beide benen op de grond, vertelde de gids ons dat het was gelukt kaarten te krijgen voor het sumo-worstelen, dus waren we weer in de zevende hemel. We gaan naar het SUMO-stadion!!
Eerst nog een wandeling gemaakt op ‘The Palace Plaza’, het plein voor de ingang van het paleis. Deze was zelf dicht dus er viel eigenlijk niet zoveel te beleven. Maar goed, alles viel uiteraard in het niet, met ons sumo-avontuur in het verschiet. De excursie leidde ons verder naar een tempelcomplex even boven Ueno. De naam is me even ontschoten, maar het is heel bekend. Voor ons vreemd dat de tempels volhangen met swastika’s, dit was nou eenmaal al eeuwenlang het symbool, voordat de Nazi’s ermee aan de haal gingen. En de hoofdkleuren zijn nog zwart en rood ook.
Yvonne heeft nog in helende wierook gestaan, in de hoop dat haar rugklachten eindelijk tot het verleden gaan behoren. Ook hebben we in de tempel een wens mogen doen, ter waarde van 100 yen.
Het was er erg druk, maar wel indrukwekkend. Nog even souvenir-geshopt aldaar.
De laatste bestemming van de excursie was een parel-makerij. Hier werd uitgelegd hoe parels worden gemaakt, best interessant.
Teruggekeerd naar de busterminal, direct door naar weer een hoogtepunt. Onder leiding van een zeer vrolijke akela, met weer een vlaggetje (ik mocht ‘m zelfs even vasthouden!) gingen we met een groep, bestaande uit een aantal Australiers en Amerikanen, naar het sumo-stadion.
Al gauw bleek in de metro dat wij er verreweg het meest van af wisten. Zo konden wij iedereen de spelregels uitleggen en vertellen voor wie ze het hardst moesten schreeuwen.
Voorafgaand aan de wedstrijden bezochten we eerst het kleine sumo-museum in het stadion, met schitterende foto’s van alle oud-winnaars.
We hadden goede plaatsen in het stadion, de sfeer was relaxed, het publiek zat lekker te kijken en hamburgers, friet, sushi en rijstcrackers naar binnen te werken. De wedstrijden voor junioren waren reeds begonnen, de ‘grote strijders’ betraden van 15 tot 18 uur de ring.
De openingsceremonie, waarbij alle strijders zich presenteren was kleurrijk en indrukwekkend. Hier werd al duidelijk welke worstelaars het populairst zijn.
De ‘grand champion’ presenteerde zich hierna met een soort rituele dans. Waanzinnig! Deze kampioen is de winnaar van vorig jaar, zijn naam is Hakuho, een 22-jarige Mongool van 155 kilo. Onze schattige gids wist ons nog te vertellen dat hij onlangs vader is geworden. Een andere favoriet van het publiek was de 24-jarige Bulgaar Kotooshu, 148 kilo. De Japanners vinden hem het knapst van allemaal (wij ook) en noemen hem liefkozend ‘Beckham’. Wij vonden hem zooo knap, dat we een sleutelhanger van ‘m hebben gekocht. Superhandig ook nog.
De laagst-geplaatsten begonnen en tegen zessen kwamen de ‘giant warriors’ in actie. Wat een genot, wat een sensatie en wat uniek om midden in dit op-en-top Japanse feestje te zitten! Aan al onze stoutste verwachtingen werd meer dan voldaan!
Het restaurant wat we na afloop van de wedstrijden betraden vormde de kersen op de taart. Van buitenaf konden we niet zien wat we binnen zouden aantreffen, maar het bleek geweldig te zijn.
We kwamen terecht in een gigantisch restaurant, afgeladen vol met enkel Japanners. Te midden van de ruimte was een sumo-ring, inclusief dak, nagebouwd. Bij het binnentreden werden we, geheel volgens normaal Japans gebruik, toegeschreeuwd door het voltallige personeel. Wat ze dan precies zeggen is ons een raadsel, feit is wel dat het voor alle klanten dan ook duidelijk is dat er twee buitenlandse meiskes binnen zijn!
Met onze tafel wederom vol sushi, salade en sake, begon er op het podium een optreden van oud-sumo-wedstrijd-zangers, waarbij publieksparticipatie niet geschuwd werd. Wij deden ons best.



































